Home » Groot-Brittannië » Engeland » Regio’s » North East » Roadtrip Durham: 3 dagen langs kastelen, stoomtreinen en natuur

Gepubliceerd op 27 juli 2025 | Laatst aangepast op 12 september 2025

Bij Durham wordt er snel aan de stad gedacht, maar het graafschap Durham heeft veel meer te bieden dan dat. Dat wist ik al langer, maar nu mag ik het binnenland van deze regio gaan ontdekken tijdens een 3-daagse roadtrip door Durham. Waar ik opvallend vaak de geschiedenis in duik, met historische kastelen, indrukwekkende musea en ritjes met oude treinen.  

Heenweg: DFDS Seaways

Toen ik de uitnodiging kreeg van Visit Durham om hun graafschap een paar dagen te komen bezoeken dacht ik qua vervoer gelijk aan DFDS . Ik vind het altijd een fijne oversteek, en je bent gelijk in de buurt van de bestemming. Omdat ik deze reis alleen maak kies ik ervoor om zonder auto te reizen. Tenminste, vanaf IJmuiden dan, waar ik als voetpassagier het schip op stap.

Het is prachtig weer, dus ik zet mijn spullen in mijn hut, en ga richting de Skybar om te genieten van de zon en het uitzicht. Wanneer we op zee zijn, die helaas niet heel rustig is deze nacht, is het tijd voor het buffet. Ik geniet volop van het eten, want de golven kun je beter verdragen met een volle maag (goede reden toch? 😉). Hierna is het tijd om het rustig aan te doen, met een vol programma voor de boeg. Ik geniet van mijn boekje en een drankje, tot ik mijn bed met zeezicht in kan duiken.

Dag 1: Beamish Museum, Durham

’s Ochtends bij het ontbijt zie ik alweer land in zicht: Engeland! En dit zal ongeveer al het graafschap Durham zijn, mijn bestemming voor de eerste dagen van deze reis.

Vervoer

Wanneer ik van de DFDS-ferry afstap ga ik met de bus naar het centrum van Newcastle. Een trip die ik al vele malen eerder heb gemaakt, maar nu pak ik daar voor het eerst de metro. In Newcastle hebben ze geen groot metrostelsel, maar je komt er wel op de goede plekken mee. Zoals het vliegveld, waar ik mijn huurauto ophaal. Het is wel zo handig als je in je eentje bent dat je stuur aan de goede kant zit. Ik krijg een bijna nieuwe auto mee, voorzichtig rij ik er dan ook mee naar de regio Vale of Durham. Hierin ligt mijn eerste bestemming op een klein half uur rijden: Beamish Museum.

Beamish Museum

Alhoewel ik al regelmatig in de omgeving ben geweest, is het er nooit eerder van gekomen om dit museum te bezoeken. Het stond dan ook al wel even op mijn verlanglijstje, en toen Visit Durham mij vroeg wat ik wilde bezoeken, was deze keuze snel gemaakt.

Het Beamish Museum is een van de grotere openluchtmusea van het Verenigd Koninkrijk. Het museum van 140 hectare groot vertelt het verhaal van het leven in Noordoost-Engeland in de jaren 1820, 1900, 1940 en 1950.

Ik parkeer de auto, en ga het museum binnen. Wanneer ik het entreegebouw aan de andere kant uit kom staat daar een historische tram klaar. Daar spring ik gelijk op, terug naar het begin van de vorige eeuw.

1900

Na een kort ritje kom ik aan in een klein dorpje. Ik stap uit en wandel een van de vele gebouwen binnen, het is de garage met koetsen en daar aansluitend de paardenstallen. Naast de garage staan verschillende woningen met daarin een bedrijf. Een paar deuren verder ziet de tandarts er toch wat anders uit dan mijn eigen huidige tandarts, ik sla mijn controle hier dan ook maar even over…

Rowley Station

Ik bekijk diverse woningen, tot ik word afgeleid door rook en een fluitsignaal. Naast het 1900’s dorp ligt Rowley Station, het eerste gebouw wat in dit museum neergezet werd. Ik neem een kijkje, steek een ijzeren bruggetje over en zie een stoomlocomotief vertrekken. Het blijft toch altijd een mooi gezicht.

Ik wandel verder, langs de kolenopslag naar het grote veld wat ervoor ligt. Hier staat een nostalgische kermis op. Ik laat de draaimolen en eendjesvangen echter aan me voorbij gaan en loop weer terug naar het 1900’s dorp.

Lunch

Het is inmiddels rond etenstijd, dus ik ga de winkels verder af. Er is een lunchroom, natuurlijk in 1900’s stijl. Het is er echter vrij druk en zit liever buiten in het zonnetje. Ik ga de andere winkeltjes af. Niet voor eten, maar om me weer terug in de tijd te wanen. De laatste winkel is een bakkerij, waar ze allerlei lekkers verkopen. Een tealoaf als lunch? Why not! Ik krijg er zeker geen spijt van als ik mijn eerste hapje neem tijdens mijn wandeling naar het nabij gelegen nieuwe gedeelte.

1950’s

Het jaren ’50 dorp is pas geopend en heeft leuke nieuwe toevoegingen aan het museum. Er is een café, fish & chips-zaak en kapper. Een paar stappen verder ga ik het politiebureau binnen. Het is een klein gebouwtje, maar ik zie George Gently er wel zitten hoor.

Bij de Bowling Green koop ik wat drinken en geniet ik van mijn net aangeschafte lunch en het uitzicht. Er is naast het speelveld ook een speeltuin en gemeenschapshuis. Ik loop weer terug door het dorpje. Want daar zitten nog meer winkels. Ik weet de verleiding van de speelgoedwinkel te weerstaan, wat bij de elektronicawinkel toch nog wat makkelijker gaat. Zo’n beeldbuis past niet meer op mijn tv-kastje.

De bioscoop loopt leeg wanneer ik daar aankom. Ik heb duidelijk de voorstelling gemist, maar neem toch een kijkje binnen. Het voordeel van dat er op dit moment niets speelt, is dat ik de oude filmprojector kan bekijken.

Back to 1900’s

Ik loop het 1900’s dorp weer in, waar ik de laatste bedrijven bezoek. In de bank laat een medewerkster de oude munten zien, met Queen Victoria erop, van voor de decimalisatie van de pond.

Helaas staat er bij de snoepwinkel een rij. En er is nog zo veel meer te zien in het museum. Ik neem dan ook snel weer de tram, op naar de volgende plek…

Transport Depot & 1950’s farm

Bij het Transport Depot staan de niet gebruikte bussen en trams. De rode dubbeldekkers blijven fotogeniek. Tegenover het depot ligt in een groot veld een oude boerderij. Je zou het zo terug kunnen vinden in het programma ‘Een huis op het platteland’. Al is een huis midden in een museum misschien wel heel gek?! Maar het huis heeft nog mooie oude eigenschappen zoals een openhaard.

Buiten leven er wat dieren, waaronder een varken en kippetjes. Ik hoor ook schapen, maar ze lijken nog ver weg. Totdat ik ze aan de andere kant van het veld, het gras op zie rennen. Ze worden juist op dit moment verplaatst. Heerlijk om te zien hoe de ‘boer’ de kudde naar een nieuwe locatie verplaatst. Het is ook lammertijd, dus ik heb geluk en wacht geduldig tot ze recht voor mijn neus staan.

1940’s Farm

Na de nodige foto’s van de schapen loop ik weer terug en ga ik bij het depot de heuvel op. Hier ga ik terug naar de jaren veertig, wanneer vrouwen het land bewerken. Er ontstaan steeds meer moestuintjes en landbouw om de Britten van voedsel te voorzien tijdens de oorlog.

Ook hier worden dieren gehouden, het varkentje houdt wel van wat aandacht van de bezoekers. Terwijl de lammetjes juist meer van een veilige afstand toe blijven kijken. De kinderen vinden het allemaal geweldig, en de volwassenen stiekem ook.

1900s Pit Village & 1900s Colliery

Het is tijd om weer af te dalen, voorbij het busdepot, richting het mijnwerkersdorp. Het noorden van Engeland had veel van dit soort dorpjes in de 19e en 20e eeuw. Ik bezoek de kleine arbeiderswoningen, de kerk en het schoolgebouw.

Aan het einde van het dorp staat een mijn. Twee grote gebouwen trekken mijn aandacht. Als eerste ga ik het houten heapstead gebouw in. Hier werden mannen, pony’s en bakken in liftkooien naar beneden omlaag gebracht, de mijn in. De kolen die ze weer mee naar boven brachten werden hier ook gelijk gecontroleerd.

Naast de heapstead staat een hoge stenen machinegebouw, deze bevat de stoommachine waarmee de liftkooien omhoog en omlaag gehesen kon worden. Een medewerker laat zien dat hier alles nog werkt. Het is indrukwekkend om zo’n grote machine nog in werking te zien.

1820’s landscape

Achter het machinegebouw ligt een bos, met een mooie wandeling daardoorheen kom ik bij het 1820’s landscape uit. Terug naar Georgiaanse tijd dus. Heuvelop ligt daar een prachtige landhuis, duidelijk voor de welgestelden, met een typische Engelse tuin met uitzicht op de rest van het landschap.

Ik breng een bezoekje aan Pockerley Waggonway, waar een oude opslag is bij de treinrails die vroeger kolen zou hebben vervoerd. Nu staat er Puffing Billy, een replica van de originele locomotief die in 1813 is gebouwd door William Hedley. Ik kom precies op tijd, Puffing Billy staat klaar om te vetrekken. Er is nog een plekje voorin, met uitzicht op de stoomlocomotief. Het is de perfecte plek om deze aan het werk te zien. We rijden slechts een klein stukje, en moeten dan hetzelfde stukje terug, maar leuk is het wel.

Er is nog even tijd om het kerkje te bezoeken, voordat het museum sluit. Vijf uur is eigenlijk te kort, maar meer tijd had ik helaas niet. Gelukkig kun je met een ticket nog een jaar naar binnen. Ik ga via de museumwinkel weer naar buiten, richting mijn huurauto. Op naar de volgende stop, op nog geen kwartiertje rijden.

Lumley Castle

Twee jaar geleden ben ik nog door Chester-le-Street heen gefietst, toen heb ik Lumley Castle niet gezien. Het eind 14e eeuwse kasteel ligt dan ook net buiten het dorp, vlakbij de rivier de Wear. Lumley Castle is gebouwd door Sir Ralph Lumley, nadat hij het landgoed van zijn voorouders had geërfd.

Hij raakte het kwijt nadat hij betrokken raakte bij een mislukte samenzwering tegen koning Henry IV. Dit leidde tot zijn gevangenschap en dood in de Tower of London. Begin 15e eeuw kreeg zijn familie echter het kasteel terug en begin 18e eeuw is het verder uitgebreid.

Je zal wellicht verbaasd zijn dat dit kasteel nog open is nadat Beamish al wel gesloten is. Maar het kasteel is niet zo maar een toeristische trekpleister, maar inmiddels een hotel. En dus mijn accommodatie voor deze nacht. Lucky me!

Murder Mystery Evening

Nadat ik ingecheckt ben, rondgedwaald heb door de gangen van het kasteel en door mijn kamer (want die is groot en mooi!), ga ik richting het restaurant gedeelte. Er is namelijk een speciale Murder Mystery Evening . Ik ken dit soort evenementen alleen van de televisie, waar er vaak ook nog een echte moord wordt gepleegd. Ik waag het er echter op en mag het nu zelf beleven, en dat in een  prachtige kasteelzaal.

Ik kom aan een tafel te zitten met een paar gezellige dames (alle docent) en twee stellen. Zouden we de moord op actrice Gerda Loynes op kunnen lossen? Gedurende het diner krijgen we steeds meer aanwijzingen, en mogen we ook vragen stellen aan haar echtgenoot, regisseur, concurrente, assistente en nummer 1 fan. Mijn vermoeden over de dader verklap ik hier nu niet, maar aan het einde van de avond blijkt deze wel te kloppen.

Hotel

Na afloop is er nog een disco, maar ik druip af. Na deze mooie, maar lange, eerste dag is het tijd om richting die mooie kamer te gaan die ik heb. Wanneer ik dat grote bed in kruip ben ik zo vertrokken zonder nog aan eventuele moorden te denken.

Dag 2: Treinen

Ik ben op tijd wakker waardoor ik alle tijd heb voor het heerlijke ontbijt. Er is zo veel keus, maar de French Toast kan ik toch echt niet afslaan. Jammie!

Lumley Castle landgoed

Omdat ik slechts twintig minuten hoef te rijden naar mijn eerste bestemming vandaag, en die om tien uur open is, heb ik nog even tijd om een rondje om het kasteel te lopen. De zon schijnt, wat het nog mooier maakt. Er zijn diverse wandelroutes vanaf het landgoed, maar daar heb ik dan weer net geen tijd genoeg voor.

Wanneer ik aan de boskant loop, is er een bekende en sterke geur: daslook! Al beschrijft de Britse naam, Wild Garlic, beter de geur. Het heeft vannacht geregend, wat de geur extra sterk maakt, want de bloemen zijn hier al duidelijk over hun hoogtepunt heen.

Aan de andere kant van het kasteel is men al druk bezig met een potje golf. Voor mij is het ook tijd om eens ‘actief’ te gaan doen, en de auto te pakken.

Tanfield Railway

Na een kort ritje zet ik de auto neer bij Tanfield Railway , de oudste nog bestaande spoorlijn ter wereld. Dit jaar wordt er 200 jaar commerciële spoorwegen gevierd, maar de geschiedenis van deze  lijn gaat terug tot 1725. Deze lijn is echter niet voor personen aangelegd, maar om steenkool van de mijnen rond Tanfield naar de rivier de Tyne te vervoeren over een lengte van elf kilometer. Vanuit hier werd het verscheept naar andere locaties.

De spoorlijn begon als een houten, door paarden getrokken spoorweg, gebouwd door de Grand Allies, een coalitie van invloedrijke mijnbouwfamilies. In de loop van de 19e eeuw is het traject omgebouwd tot een ijzeren spoorweg. Stoomlocomotieven vervingen uiteindelijk ook de paarden en stationaire stoommachines.

Andrews House station

Ik word welkom geheten bij het ticketloket, waar ik advies krijg om bij de eerste halte weer uit te stappen, een stuk te wandelen en dan bij de laatste halte weer op te stappen. Ik luister braaf naar deze enthousiaste medewerker en ga naar het perron om op de eerste trein te wachten.

Deze, en de andere perrons, zijn pas aangelegd door vrijwilligers nadat de route in 1981 heropend is  als erfgoedlijn. Voor de werklui en steenkolen was dit immers niet nodig. Het is erg mooi gedaan, want het lijkt net historisch.

De lijn is nu drie mijl (4,8 km) en gaat tussen East Tanfield (Durham) en Sunniside (Gateshead). Ik stap echter op bij Andrews House, met als volgende halte Causey Arch.

Causey Arch

Ik stap uit bij Causey Arch. Bij deze halte staat de oudste nog bestaande spoorbrug ter wereld, gebouwd tussen 1725 en 1727. De trein rijdt door, niet over deze brug, terwijl ik naar de Causey Arch loop. Ik wandel er eerst overheen, waarna ik het pad naar beneden afdaal.

Hier heb ik prachtig uitzicht op de boog. De brug is 46 meter lang en 24 meter hoog. Tijdens de bouw was het de grootste enkelvoudige boogbrug van Groot-Brittannië. Onder de boog loopt het riviertje Causey Burn door. Dit maakt het plaatje echt compleet!

Het is een prachtig gebied, met hier ook de daslook die zijn sterke geur afgeeft. Ik wandel echter niet verder, maar weer terug. Ik wil immers wel de gehele lijn afrijden.

East Tanfield

Ik wandel langs het spoor verder. De jongen achter de balie vertelde me dat hier ook een uitzichtpunt is waar je de trein mooi kan fotograferen in een bocht. Ik wandel door de bossen tot ik het fluiten van de trein hoor. Ik zet er de pas in, maar ben bang dat ik het uitzichtpunt niet haal en wacht dan maar op een ander punt met zicht op de trein.

Wanneer de trein voorbij is, kom ik slechts een paar minuten later langs het punt waar hij het over had. Jammer, maar de route blijft mooi en ik wandel dan ook lekker verder richting East Tanfield station. Hier kan ik even in het zonnetje wachten op de volgende trein.

Sunniside

Het leuke aan deze trein is dat je onbeperkt op en uit mag stappen met je ticket. Zo kun je wandelen combineren met de diverse treinen en kun je een hele dag zoet zijn. Ik stap weer op, deze keer op stoomlocomotief 49.

Deze locomotief is in 1943 gebouwd door Robert Stephenson & Hawthorns in Newcastle. Ze diende als industriële locomotief, voornamelijk in de mijnbouw en bij kolenbedrijven in Noordoost-Engeland. Alle locomotieven die hier rijden hebben een link met de regio, wat het extra bijzonder maakt.

Ik rijd mee tot  het einde van de lijn, halte Sunniside. Ik stap uit, niet om nog een wandeling te maken, maar om de wissel te zien. Hier moet de locomotief van voor naar achter geplaatst worden, zodat hij dezelfde route weer terug kan rijden.

Marley Hill

Hier stap ik weer uit bij Andrews House, waar vrijwilliger Berry me meeneemt naar Marley Hill engine shed (1854). Dit is de oudste nog in gebruik zijnde locomotievenloods ter wereld, waar nog steeds stoomlocomotieven worden onderhouden en gerestaureerd. Tegenwoordig door vrijwilligers. De werkplaats is indrukwekkend om te zien. Je waant je terug in de tijd.

We lopen door naar de loods, hier wandel ik tussen de nog op te knappen locomotieven en wagons door. Alle met een eigen verhaal. Een van de wagons is nog in de film ‘Railway Children’ uit 1970 gebruikt (mij overigens niet bekend). Gaaf om te zien hoeveel werk vrijwilligers steken in deze geschiedenis.

Helaas is het hierna tijd om afscheid te nemen, ik heb namelijk nog een treinuitje op de planning vandaag. Hiervoor ga ik met de auto van het noorden naar het zuiden van het graafschap Durham, naar Shildon om precies te zijn. Een rit van zo’n drie kwartier.

Shildon Locomotion Museum

Het is rustig als ik mijn auto bij het museum parkeer. En dat in het jaar dat Shildon iets te vieren heeft. Het is namelijk 200 jaar geleden dat in 1825 de allereerste openbare stoomspoorlijn, de Stockton & Darlington Railway, is geopend. Dit luidde het tijdperk van het moderne spoorvervoer in. Er zijn dit jaar dan ook veel festiviteiten rondom S&DR, hoe de spoorlijn kortweg wordt genoemd.

Locomotion is echter een permanent museum, wat nog eens gratis te bezoeken is ook! Buiten staan al diverse treinen, maar als je binnenkomt word je overweldigd door de vele locomotieven. Ze staan achter elkaar, dicht op elkaar, op de diverse rails die er in het museum liggen. Ik ga ze maar rij voor rij af, om niets te missen.

Locomotion museum, Shildon, Durham

English Electric Company

De eerste trein die ik zie is er een van de English Electric Company, wat nieuwsgierig maakt. Zo’n oude trein, elektrisch? Het is de Deltic, een prototype diesel-elektrische Deltic-locomotief DP1, gebouwd in 1955 door de English Electric Company. Dat betekent dat de locomotief wordt aangedreven door dieselmotoren, maar deze motoren drijven geen wielen direct aan. In plaats daarvan wekken de dieselmotoren elektriciteit op, die vervolgens naar elektromotoren wordt gestuurd die de wielen aandrijven.

Collectie

Als ik verder loop zie ik diverse historische locomotieven en wagons. Zo neem ik een kijkje door het raam van de koninklijke wagon van Queen Alexandra en vergaap ik me aan de indrukwekkende Black Five No. 5000 stoomlocomotief.

Er staan ook echt oude machines, zoals de Stephenson’s Rocket en Sans Pareil. De stoomlocomotief Rocket, ontworpen door George en Robert Stephenson in 1829, won de Rainhill Trials. Dit was een wedstrijd voor de beste locomotief voor de Liverpool and Manchester Railway. De Sans Pareil, gebouwd door Timothy Hackworth, deed ook mee aan deze wedstrijd. Hoewel hij niet won, heeft hij toch bijgedragen aan de vooruitgang van de spoorwegindustrie.

Helaas mist de grote blikvanger Locomotion No. 1, de eerste stoomlocomotief die een passagierstrein trok. Deze is helaas uitgeleend vanwege het S&DR200 festival.

New Hall

Dan maar weer naar buiten. Niet dat ik klaar ben met Locomotion museum. In mei 2024 opende namelijk New Hall, waarmee de overdekte expositieruimte is verdubbeld. Hiermee heeft het museum nu Europa’s grootste overdekte permanente collectie historische spoorvoertuigen. In de nieuwe hal staan de treinen dichter bij elkaar, zodat ze zo veel mogelijk ervan kunnen laten zien.

De diversiteit is groot, ik wandel tussen de oudste olietanker ter wereld, twee sneeuwploegen en een rupsvoertuig door. Er zijn ook diverse goederenwagons en rijtuigen, waaronder exemplaren die in Shildon zelf zijn gebouwd.

Buitenruimte

Wanneer het museum sluit loop ik buiten nog richting Shildon. Hier staan namelijk nog een aantal historische gebouwen. De eerste die ik passeer staat al bij het museum zelf. Het is de Gaunless Bridge, de eerste spoorbrug ter wereld die volledig van ijzer is gebouwd én gebruikmaakte van een ijzeren vakwerkconstructie.

Ik loop langs het spoor en zie al snel de Coal Drops. Deze zijn gebruikt om steenkool direct in de stoomlocomotieven te kunnen gooien. Verderop staan nog een aantal oude gebouwen, waaronder Kilburn’s Warehouse, Goods shed en Soho House. Deze laatste is door S&DR gebouwd voor Timothy Hackworth, de spoorwegpionier.

High Force Hotel

Het is tijd om afscheid te nemen van Locomotion en de regio Vale of Durham, mijn hotel is zo’n vijftig minuten rijden en ligt in Durham Dales. Het is een prachtige route door de glooiende heuvels vol met schapen. Voor ik het weet zit ik dan ook bij mijn hotel, waar ik na het inchecken al snel aan een dinertafel zit. Het High Force hotel is een pub, restaurant en hotel in één.

Ik kies voor een heerlijke fish & chips met sticky toffee pudding na. Hierna is het tijd om uit te buiken na al dat lekkers. Helaas is het buiten gaan regenen, dus ik blijf dan ook maar rustig binnen en duik op tijd mijn bed in.

Dag 3: Dagje hoogtepunten Durham Dales

De combinatie van lekker eten en hotel is niet het enige voordeel wat het hotel heeft, het zit ook nog eens recht tegenover een trekpleister. De naam doet waarschijnlijk al wel vermoeden welke dit is, namelijk High Force Waterfall. Wat echter vaak vergeten wordt is dat hier dichtbij nog een prachtige waterval ligt.

The Pennine Way

Ik ben vroeg op en het is droog, er worden hooguit wat kleine buitjes verwacht. Dus ik pak mijn cameratas en trek er op uit. De watervallen liggen aan de rivier Tees, waarlangs dan weer de Pennine Way ligt, een langeafstandswandelroute. Ik pak deze route naar de Low Force Waterfall.

Ik steek de weg over bij het hotel, ga de trap af en kom bij een open veld waar duidelijk regelmatig schapen lopen. In de ochtend is het echter het terrein van de konijnen, die elke keer wegschieten als ik dichterbij kom. Het is duidelijk niet de bedoeling dat ik hun ochtendwandeling verstoor. Sorry jongens. Ik steek bij de brug de Tees over en wandel verder langs de Pennine Way.

Het is een prachtige route en onderweg krijg ik gezelschap van vogeltjes en een rivierkreeftje. Het is niet ver tot ik bij de watervalletjes kom. Het is grijs weer, maar toch maak ik diverse foto’s van dit landschap. Ik heb geluk wanneer het zonnetje net doorbreekt en het landschap een warme gloed geeft. Ik wil me bijna weer omkeren, terug naar het hotel, als ik toch maar nog even Google Maps check. Want er zou hier toch ook een standbeeld van schapen zijn?

Low Force Waterfall

Dan zie ik het pas, ik ben nog lang niet bij Low Force, en moet nog een stuk verder lopen. Ik vond het al zo dichtbij… dus ik zet er de pas in om verder stroomafwaarts te lopen. Het pad wordt uitdagender met af en toe een kleine rotsformatie waar ik over moet. Maar het uitzicht wordt ook steeds spectaculairder.

Eenmaal bij de Low Force vraag ik me af hoe ik me zo heb kunnen vergissen, dit is niet zo maar een mooi landschap, dit is echt indrukwekkend mooi! Twee watervallen volgen elkaar op, in een omgeving van rotsen en bomen. Er is een uitkijkpunt waarvan je beide goed kan zien. Alsook een bruggetje om aan de overkant nog verder te genieten.

Wanneer het begint te regenen is het voor mij echter het teken om de camera weer weg te stoppen en terug te lopen naar het hotel. De route heen ging prima, maar nu zijn de stenen glad en is het oppassen geblazen, voorzichtig loop ik dan ook over de rotsen en het pad. Waar er op de heenweg nog lichte miezerbuitjes voorbij kwamen is het nu het serieuze werk. Ik word nat, zeiknat, maar heb absoluut geen spijt van deze ochtendwandeling want wat was die waterval fraai!

Ontbijt

Ik ben blij als ik weer bij de trap naar het hotel sta, ik ben er bijna en dat zonder te vallen. Ik hoef alleen nog maar het hekje door, hier aan het einde van het grasveld, de trap op en dan kan ik droge kleren aan. Wanneer ik met mijn hand naar het hekje wil grijpen en hierbij een voet naar voren zet is het echter gedaan met de pret. Ik lig languit in de modder. Ik lach hardop, er is toch niemand die het hoort. Al zullen de konijntjes vast stiekem mee gniffelen. Ik mocht nog wel blij zijn dat ik de gladde rotsen had overleefd.

Ik loop de trap op, ga snel en ongezien mijn hotelkamer binnen en verkleed me. Zo kan ik weer fris en fruitig gaan genieten van een ontbijtje. Die toast met eieren gaan er goed in!

High Force Waterfall

Na mijn ontbijt is inmiddels het pad naar de High Force Waterfall geopend. Er is hier een mooie route uitgezet, die wat makkelijk te bewandelen is dan mijn ochtendtripje. Het grote voordeel is ook dat het inmiddels weer droog is.

In het bos ruikt het weer naar daslook, een geur die bij regen extra goed ruikbaar is. Al snel heb ik zicht op de High Force Waterfall. Vanaf dit punt hebben diverse schilders, zoals J.M.W. Turner, al eens de omgeving vastgelegd. Tegenwoordig gaat het sneller met de camera, en kan ik daarna dan ook door om dichterbij te komen. Vlakbij het neerstortende water kan ik het trappetje af voor beter zicht.

Het is indrukwekkend, niet door de hoogte, maar de waterval schijnt de meest krachtige te zijn van Engeland. Waar Low Force de schoonheid heeft, heeft de High Force de brute kracht. Wanneer het begint te druppelen (nee, niet weer!) loop ik via het bos weer terug naar het hotel. Deze keer blijft het gelukkig bij druppels en kan ik dan ook droog de auto instappen.

North Pennines National Landscape

Ik rijd dezelfde weg terug als ik gisteren gekomen ben, tussen de heuvels en schapen door. Nu weet ik waar ik even kan parkeren voor een fotostop. Zo kan ik toch nog even genieten van het uitzicht op North Pennines National Landscape, waar de watervallen ook deel van uitmaken.

Een ander punt die me gister was opgevallen is Raby Castle, dat goed te zien is vanaf de weg door zijn open ligging nabij Staindrop.

Raby Castle

Deze keer ga ik er echter niet voorbij, maar parkeer ik de auto en ga ik het landgoed van Raby Castle op. Je kunt er alleen de tuinen bekijken, maar ik ga natuurlijk voor het hele pakket, inclusief het imposante bouwwerk.

De tuinen

Vanaf de parkeerplaats kom ik het landgoed binnen via de tuinen. Ze zijn compact, maar mooi aangelegd met uitzicht op het kasteel. Deze 18e eeuwse ommuurde tuinen zijn onlangs nog gerestaureerd, wat verklaard dat nog niet alles volgroeit is.

Aan het einde van de tuinen kan ik het park in, waar het kasteel midden in het grasveld het meeste opvalt. Ik wandel daar dan ook gelijk naar toe, wat daar kom ik natuurlijk voor.

Het kasteel

Raby Castle is gebouwd tussen 1367 en 1390 door John Neville, 3rd Baron Neville de Raby, nadat de familie Neville in de 13e eeuw het landgoed had verworven. De Nevilles waren een van de machtigste families in het middeleeuwse Engeland, met directe banden met het koningshuis. Cecily Neville, geboren in Raby, is zelfs de moeder van twee Engelse koningen: Edward IV en Richard III.

Ik loop door de Neville Gateway, die oorspronkelijk voorzien was van drie valhekken en een ophaalbrug. Nu houdt alleen een medewerker van het kasteel je eventueel tegen als je geen kaartje hebt. Gelukkig mag ik door en loop ik tussen de rondvliegende zwaluwen door het kasteel binnen.

Interieur

In de videokamer leer ik de familie en het kasteel verder kennen. Op de muur staat de stamboom van de familie Neville. Via wat kleine woon- en werkvertrekken kom ik in steeds mooiere kamers. Duidelijk meer ingericht op eventuele gasten die via een andere ingang het kasteel binnen kwamen.

Octagon Drawing Room

In alle kamers staat een medewerker die me meer kan vertellen over de ruimte. Een van de mooiste kamers is de Octagon Drawing Room. Deze is in de 18e eeuw toegevoegd tijdens de periode van de familie Vane, die het kasteel toen moderniseerde en verfraaide. Het plafond is rijk gestuct en beschilderd, met sierlijke ornamenten en vergulde details. Typisch voor de barokke smaak van die tijd. Met deze kamer werd duidelijk indruk gemaakt op het bezoek. En nu dus nog steeds.

Ik wandel verder via de eetzaal naar de toegangshal waar men met koets en al binnen kon rijden. Handig als het regent. Nu geeft het me ook toegang tot de slaapkamers, zoals die van de huishoudster en de Blue Bedroom voor belangrijke gasten.

Barons’ Hall

Ook de Barons’ Hall was belangrijk. De zaal is vooral beroemd vanwege de bijeenkomst van maar liefst 700 ridders in 1569. Hier beraadslaagden toen de noordelijke edelen over de zogenaamde Rising of the North, een mislukte opstand tegen koningin Elizabeth I ten gunste van Mary, Queen of Scots. Inmiddels is de hal vele malen groter, na een verbouwing in de 18e eeuw.

Kapel en keuken

De rondgang brengt me daarna in een veel kleinere, maar zeker minst zo mooie ruimte. De kapel is er al vanaf het begin, maar is nog vele malen aangepast, met de laatste toevoegingen begin 20e eeuw. Via de trap kom ik bij de keuken uit, nog zo’n indrukwekkende ruimte.

De ruimte is groot, maar dat is natuurlijk wel nodig als je honderden gasten te eten moet geven. De koperen pannen steken mooi af tegen de witte muren en lichtzeeblauwe kasten. Het is echt een prachtige keuken, die ik zo thuis zou willen hebben, als dat ooit zou passen dan…

Helaas was dit een van de laatste ruimtes die ik te zien krijg in het kasteel. Nadat ik weer buiten sta loop ik nog een rondje over de kasteelgrond, waar de zwaluwen driftig op en neer vliegen.

Park

Nadat ik de kasteelgrond via de toegangspoort weer heb verlaten loop ik nog een rondje over het park. Rondom het kasteel strekt zich dat uit over 81 hectare, en er lopen damherten en edelherten vrij rond. Helaas spot ik deze niet en er staat nog iets op de planning, waardoor ik helaas ook geen tijd heb om ze verder te gaan zoeken.

Bowes Museum

In 20 minuten rijd ik van het kasteel naar Barnard Castle, waar zich het Bowes Museum bevind. Het gebouw is speciaal neergezet om de kunstcollectie van John Bowes en zijn vrouw Joséphine Benoîte Coffin-Chevallier te huisvesten. Het opende zijn deuren in 1892 en is in Franse stijl gebouwd. Ik kom net iets voor twee uur hier aan, wat precies volgens planning is. Mij is namelijk vertelt dat ik het spektakelstuk niet mag missen, dat op dat tijdstip tot leven komt. Bij aankomst ga ik dan ook gelijk naar boven.

Bowes Museum

Silver Swan

Op de tweede verdieping staan de stoeltjes om de Silver Swan al klaar. Er zitten al diverse mensen te wachten, en ik voeg me bij hen. In het midden staat een kast, met daarin een levensgrote 18e eeuwse zilveren zwaan. Het is een mechanische automaat die dagelijks wordt gedemonstreerd. Na een korte uitleg zet een medewerker de zwaan in beweging. Het lijkt net of de zwaan een visje pakt en dit op eet. De visjes die op de bodem van het kunstwerk zitten bewegen, net als het water.

Na de voorstelling ga ik weer naar beneden, waar Café Bowes zich bevindt. Ik heb geluk, want het is zondag en dus hebben ze een speciale Sunday roast. Een goede bodem voor de rest van de middag (en uiteindelijk ook avond). Tijd om de rest van het museum te verkennen.

Collectie

De collectie is het resultaat van de passie van John Bowes en zijn vrouw Joséphine. Zij verzamelden tussen 1862 en 1874 duizenden objecten uit heel Europa en daarbuiten. Dit zorgt ervoor dat er veel verschillende voorwerpen te zien zijn.

Er is een grote kleding collectie, met kant, hoedjes, en elegante jurken. De collectie bevat 13.000 stukken, niet allemaal tentoongesteld dus. Ik wandel tussen meubelstukken, porselein en schilderijen, allemaal met een eigen verhaal. Er is ook informatie te vinden over John en Joséphine Bowes, want de tentoongestelde kunst is een weerspiegeling van hun smaak en verzamelwoede.

Schilderijen

Weer boven aangekomen neem ik nu de tijd om de schilderijen te bezichtigen. Het Bowes museum heeft ongeveer 1.500 schilderijen, waaronder meesterwerken van grote namen als El Greco, Francisco Goya, Canaletto, Jean-Honoré Fragonard, François Boucher, Sassetta, Tiepolo, Boudin, Courbet, Reynolds en Gainsborough. Er zitten zeker wel een paar schilderijen bij die ik ook nog wel wil hebben. Het is een groot museum, en ik neem dan ook de tijd tot sluitingstijd om alles te zien.

Wanneer ik weer naar de auto wil lopen komt er net een bui over, ik wacht in de portiek tot het over is. Wanneer de regen vertrokken is trekt de lucht weer open, en komt het zonnetje weer tevoorschijn. Wat een verschil, het lijkt wel Brits weer…

Ik maak nog snel wat foto’s van het prachtige gebouw voordat ik de auto in stap. Ik ben eigenlijk wel nieuwsgierig naar waar Barnard Castle zijn naam vandaan heeft, dus zet ik de wagen na een paar minuten rijden weer langs de kant in het dorp zelf.

Barnard Castle

Guy de Balliol, kreeg het land waar het dorp nu is gevestigd na de Normandische verovering van Engeland. Zijn zoon, Barnard de Balliol, naar wie het uiteindelijk is vernoemd, bouwde er het kasteel tussen 1112 en 1132. Nu loop ik rondom een ruïne van Barnard Castle , al ziet het er nog best groots uit zo bovenop de heuvel. Natuurlijk is het kasteel nu dicht.

Ik wandel dan ook terug naar het centrum, waar de Buttermarket een historische overdekte markt is, die nu dient als rotonde. Een goede oplossing om de geschiedenis toch nog te bewaren. Opvallend zijn ook de grote hoeveelheden paarden, die af en toe worden ingezet om een wagen vol toeristen voort te trekken. Een verwijzing naar de rijke geschiedenis van de  koets- en paardenindustrie in Barnard Castle. Ik sla een ritje over, ik vind het zielig voor de beestjes.

3-daagse roadtrip Durham

Met een kort bezoek aan deze plaats sluit ik mijn 3-daagse roadtrip Durham af. Ik heb genoten van de combinatie van geschiedenis en natuur. Ik rijd via de A1 weer naar het noorden. Ik zwaai nog even naar de Angel of the North, die zo vanaf de snelweg veel kleiner lijkt dan als je er naast staat. Het was een prachtige trip om de rijke historie van het graafschap Durham verder te leren kennen.

Ik slaap nabij Newcastle, om mijn vakantie nog verder te verlengen met 2 dagen Northumberland Coast.

De route door graafschap Durham

Op de kaart zijn alle bezienswaardigheden en mijn route te zien. Ik heb in totaal 280 km gereden vanaf Newcastle Airport, hierbij is het gedeelte wat ik met het openbaar vervoer (lichtroze) vanaf DFDS niet meegetelt. Dag 1 (roze) was 38 km, dag 2 (rood) was 112 km en dag 3 (geel) van mijn Durham roadtrip was 130 km.

Als je met je eigen vervoer met DFDS reist zal het aantal kilometer ongeveer gelijk zijn. Ook als je er een extra dag aan toevoegt om de stad Durham te bezoeken, dit omdat je hier vlak langs rijdt op de weg terug vanuit de Durham Dales.

Meer informatie voor je roadtrip in Durham

Lees meer over de stad Durham, County Durham of Noordoost-Engeland.

Ik wil graag Visit Durham en DFDS Seaways bedanken voor het faciliteren van deze reis en mij de mogelijkheid bieden om de reis zelf naar wens in te delen.


Geschreven door:


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Meer Engeland

Ben je je reis naar Engeland aan het plannen?
Of gewoon inspiratie aan het opdoen?
Kijk hier voor meer reisinspiratie naar Engeland.

Nieuwsbrief
  • 6X per jaar informatie over het Verenigd Koninkrijk ontvangen?
  • Nooit meer zonder reisinspiratie 
  • Leuke winacties
  • De verrassendste bestemmingen
  • Zonder reclame
Volg ons via…
Zoeken