Home » Groot-Brittannië » Engeland » Regio’s » North East » Blog: Langs Hadrian’s Wall fietsen, Noord-Engeland

Wat heb je aan een wensenlijstje (of bucketlist) als je deze niet afwerkt? Hadrian’s Wall stond er al een tijdje op (sinds 2009 om precies te zijn), en nu was het dan ook eindelijk zo ver. Ik ga, samen met mijn vader, Hadrian’s Wall fietsen. Lees in deze blog over onze ervaringen op Hadrian’s Cycleway.

In 2009 kwam ik tijdens mijn rondreis door Groot-Brittannië bij een B&B in Ravenglass, de eigenaar vertelde me dat er vaak Nederlanders kwamen om Hadrian’s Cycleway te fietsen. Een idee was geboren, maar de lef om het te doen liet nog even op zich wachten. Nadat we (door corona) de fietsvakanties hebben ontdekt, werd ook deze droomreis realistischer. Fietsen in het Verenigd Koninkrijk is echter wel wat anders dan fietsen in Nederland of België. Maar als je het nooit probeert, weet je nooit of het iets voor je is. Dus ging het er dit jaar nu eindelijk echt eens van komen.

Lees hier meer praktische informatie over Hadrian’s Cycleway of fietsen in het Verenigd Koninkrijk.

Hadrian’s Wall fietsroute voorbereiden

Ik ben altijd van de goede voorbereiding, wat in het geval van een fietsvakantie geen overbodige luxe is. Ik heb de route op mijn telefoon gezet (offline). Ervoor gezorgd dat ik zo min mogelijk bagage mee hoef te nemen (wie neemt wat mee?). De goede weersvoorspellingen hielpen daar trouwens goed bij, want een korte broek neemt toch een stuk minder ruimte in beslag dan een lange. En alle accommodaties waren geregeld. Je wilt immers niet voor een dichte deur staan als je uitgeteld ergens aankomt.

De bagage paste in twee fietstassen, en ik had een rugzak bij me voor mijn camera-apparatuur. Mijn vader had ook twee fietstassen, en nog een kleine rugzak. Ik heb ook van te voren goed gekeken welke attracties/musea er te bezichtigen zijn, en daar het programma op aangepast. Helaas kwam ik er wel pas te laat achter dat Carlisle Castle gesloten was (vanwege een festival), maar een dag Carlisle was zeker niet overdreven.

Richting de start: met de boot

We nemen de fietsen mee op de auto en rijden richting IJmuiden, hier parkeren we de auto, laden de tassen op de fietsen en gaan we op pad. Na een klein rondje in de omgeving (we hebben immers tijd genoeg), gaan we naar boot van DFDS om richting Newcastle te vetrekken.

Inchecken gaat vliegensvlug, tussen de auto’s, en we mogen ook gelijk de boot op. Hier moeten we de fietsen een de kant vastmaken met wat touwen, waarna we naar onze hut kunnen. Dit ging allemaal zo simpel en vlot, waarom heb ik het niet eerder gedaan?

We zitten aan boord van de DFDS Princess Seaway, en dat is even wennen als je eigenlijk altijd op de King Seaways zit. Na een goede maaltijd genieten we nog van een drankje in de Columbus Club en de zonsondergang buiten. Als het goed is één van de vele op vakantie, want de weersvoorspellingen zijn uitzonderlijk goed voor september.

Richting de start: naar de trein

In North Shields aangekomen zijn we één van de laatste die van boord mochten (iemand moet dat zijn). Gelukkig gaat ook dit heel soepel. Fiets los maken, wachten tot het verkeer voor ons weg is en hup naar de douane. Nadat onze paspoorten zijn gecheckt kunnen we door. Op naar Newcastle met fiets! Dit stuk is al over NCN 72 (National Cycle Network), de route die we over twee dagen de andere kant op gaan fietsen. We kunnen goed doorfietsen, en onze banden hebben gelukkig geen moeite met het glas wat af en toe op het pad ligt.

Richting de start: met de trein

In Newcastle kunnen we zo de Northern Railway trein op, richting Carlisle. We hebben precies de trein waarop we gehoopt hebben en rijden door het heuvelachtige Northumbria. Het is een klein treintje met precies twee plekken voor onze fietsen. Eenmaal in Carlisle blijkt dat onze volgende trein door werkzaamheden niet verder gaat dan Workington. Helaas, mijn wens om nog op tijd te zijn voor Muncaster Castle vervliegt daarbij. Dat sluit immers al om vier uur, de tijd waarop we nu precies gaan aankomen.

In plaats van het kasteel wordt het dus een uitje in Workington, snel Googlen leert me dat er een oud versterkt torenhuis is. Na een prachtige route door Cumbria, langs de zee!, stappen we uit bij het eindstation van deze trein: Workington. We fietsen naar Workington Hall, waar niet meer dan een ruïne van over is. Na wat foto’s van de plek waar Mary, Queen of Scots, ooit nog eregast was, willen we terug gaan fietsen. Maar zie ik dat nu goed? In het park komen twee volwassen mannen op minitreintjes voorbij… Onze trein gaat eenmaal per uur, en we willen de volgende niet missen, dus gaan door het centrum weer terug naar het station. Deze volgende Northern Railway-trein rijdt keurig op tijd en brengt ons naar onze eindbestemming van die dag: Ravenglass.

Ravenglass

Ondanks dat ik wist dat we voor een gesloten deur zouden komen te staan fietsen we toch naar het kasteel, in de hoop een glimp op te vangen. Helaas zit deze verscholen achter een hoop bomen, en daarom fietsen we maar door naar het beginpunt van Hadrian’s Cycleway: Ravenglass Roman Bathhouse. Er is weinig meer van over, en de overgebleven muren moeten ondersteund worden anders valt alles uit elkaar. Maar het is een wonder wat er nog staat, als je je bedenkt dat dit bijna 2000 jaar geleden is gebouwd! Na de nodige foto’s is het tijd om naar onze accommodatie te gaan.

Zoals ik hierboven al vermeldde, was dit de plek waar ik op het idee ben gebracht. Het leek me dan ook niet meer dan logisch om in dezelfde B&B te verblijven. Inmiddels zit er een nieuwe eigenaar in blijkt bij aankomst, maar het voldoet nog steeds aan mijn (hoge) verwachtingen. Ook de nieuwe eigenaar, Ian, is de vriendelijkheid zelve en we worden van harte welkom geheten en kunnen onze fietsen veilig in de schuur parkeren. Deze hebben we dan ook niet meer nodig tot we onze fietstocht gaan beginnen.

Dineren kunnen we bij de buren (The Inn at Ravenglass). Het toetje pakken we bij de andere buren (Ravenglass Handmade Ice Cream), waar we 24/7 ijs zouden kunnen halen (dat is inhouden hoor 😉). Na een avondwandelingetje over het strand (Ravenglass is immers het enige plaatsje in het Lake District aan zee), is het tijd voor onze welverdiende rust.

Ravenglass and Eskdale Railway

De volgende dag laten we onze fietsen in het schuurtje er vertrekken we de bergen in. Vanuit Ravenglass vertrekt de Ravenglass & Eskdale Railway, richting Dalegarth. Dit is een smalspoortrein die al sinds 1875 wordt gebruikt. Toen nog voor de ijzererts uit de mijnen, maar een jaar later ook al voor personen. Hiermee was het de eerste openbare smalspoorlijn in Engeland.

Stanley Ghyll Force waterfall

De treinreis op zich is al de moeite, maar we stappen bij de laatste halte uit om nog een mooie wandeltocht te maken. We lopen eerst naar de Stanley Ghyll Force waterfall, de hoogste waterval van het Lake District. De wandelroute die ik op mijn telefoon had opgeslagen verdwijnt als sneeuw voor de zon zodra er geen internetverbinding meer is. Dan maar gewoon op de bordjes wandelen. De route loopt door de bossen, langs de rivier. Helaas is het laatste stukje naar de onderkant van de waterval afgesloten vanwege vallende rotsblokken, maar bovenaan is wel een uitzichtpunt. Dit betekent dus een flinke klim naar boven, maar het is de moeite. Niet alleen heb je vanaf hier een mooi uitzicht op de waterval die naar beneden klettert, maar ook op de omgeving.

Terug gaan we weer via hetzelfde pad naar beneden. ‘Kijk eens’, hoor ik achter me. En wanneer ik omkijk, kijk ik in een gapend gat aan de zijkant van mijn vaders schoen. De zool is gedeeltelijk losgegaan. Oeps. Niet iets waar we nu iets aan kunnen doen, dus we lopen maar door. Eenmaal bij de rivier blijven we deze nu langer volgen dan het punt waar we er eerder bij kwamen. Deze brengt ons naar St Catherine’s Church. Hiervoor moeten we echter over stapstenen in het water. Ik ken mijn eigen onhandigheid en ik verkies de brug die iets verderop ligt. Geen verkeerde keuze want ook hier is het prachtig, en dit hadden we anders gemist.

Boot

We lopen terug via het kleine kerkje en daarna naar Boot, waar we een hapje eten bij The Boot Inn. De tweede route die we nog wilden lopen blijkt toch te uitdagend voor de tijd die we nog hebben (we kijken tegen een enorme berg omhoog) en verkiezen dan maar om voor de berg langs te lopen. Hierbij lopen we eerst langs Eskdale Mill, een 18e eeuwse watermolen die nog werkt en te bezichtigen is.

Hier gaan we linksaf over een paadje waar vroeger duidelijk nog een trein heeft gelopen, waarschijnlijk naar de molen. Nu worden we omgeven door schapen, wat de route extra gezellig maakt. Aan het einde van het pad slaan we weer linksaf naar het treinstation. Hier genieten we nog van het prachtige uitzicht, de zon en wat te drinken op het terras voordat River Irt (de trein, inspiratiebron voor Bert in Thomas & Friends) ons weer via de bossen terug brengt naar Ravenglass.

Hier kiezen we voor een hapje bij The Ratty Arms omdat we daar in het zonnetje kunnen zitten. Nog even energie opdoen voor de fietstocht. Op de terugweg begeeft mijn vaders zool het helemaal. Gelukkig heeft Ian nog wel wat lijm in zijn schuur, zo kan de schoen weer gerepareerd worden, voor nu dan.

Fietsen langs Hadrian’s Wall: Ravenglass – Maryport

Alhoewel we de eerste meters al hebben gefietst (van het Roman Bathhouse naar Ravenglass), begint Hadrian’s Cycleway pas eigenlijk echt vandaag. We zijn vroeg op en na een heerlijk ontbijtje (eieren met zalm!), gaan we op pad. De eerste uitdaging is Ravenglass verlaten. Langs de brug voor de trein ligt een smal bruggetje voor wandelaars…en fietsers. Het is precies breed genoeg voor onze fietsen en we kunnen op weg naar uitdaging twee. We komen namelijk op het strand. Gelukkig is het laag water en is er dus geen enkel probleem om nationale fietsroute 72 verder te volgen. We rijden langs de kust met de Ierse Zee aan onze linkerzijde naar het noorden en houden de prachtige bergen van het Lake District rechts van ons. Soms zien we een schim in het water aan onze linkerzijde, dat is Isle of Man! Gek idee dat ik daar in mei nog was.

Seascale – Sellafield

Van te voren had ik gelezen dat het kustpad tussen Seascale en Sellafield weggevaagd was door de zee. Het advies is om met de trein te gaan op dit stuk. Wij zijn echter van die eigenwijze mensen die het eerst willen zien om te geloven, dus gaan we toch over het pad. We blijken niet de enige te zijn, achter ons volgt nog een groepje.

Het pad is smal, maar begaanbaar. Af en toe is het los zand. Wanneer we dichter bij Sellafield komen, komen we ook bij het ‘probleem’. Hier moeten we de fietsen naar beneden begeleiden, het is echter maar tientallen centimeters en goed te doen. Hierna gaan we het pad weer op langs het Windscale nucleair complex. Hier wordt nucleair afval verwerkt en er zijn enkele buiten bedrijf gestelde kernreactoren. Een apart uitzicht tegenover al het groen wat we op de rest van de route zien.

Na Sellafield gaan we klimmen, vandaag staan er twee hogere heuvels op de planning, net voor en na Whitehaven. Wat dus een ideale plek gaat zijn voor een rustmoment.

Whitehaven – The Beacon Museum

Het is namelijk ook de eerste grotere plaats op de route en dat komt goed van pas. Mijn vaders schoen heeft het in de rit hierheen namelijk weer begeven. Lijm lost dus niet alles op. Hier stoppen we daarnaast ook voor een bezoek aan The Beacon Museum . Een uitgebreid museum aan de haven van de stad die ons meer kan vertellen over de geschiedenis van de omgeving. Er zijn tijdelijke tentoonstellingen over de Titanic en de Romeinen (toeval bestaat niet!). Maar vooral de vaste tentoonstellingen kunnen ons erg boeien. Op de bovenste verdieping heb je een prachtig uitzicht over de stad. Waar je een verdieping lager meer over leert. Want hoe is dit vissersdorp uitgegroeid tot een belangrijke haven? In de nabijheid zaten mijnen, waar we ook meer over leren. We dalen zelfs af in één van de mijnen, gelukkig zonder de gevaren en met een VR-bril.

Nog een verdieping lager staat de tentoonstelling in het teken van Sellafield (Windscale), het plaatsje waar we net voorbij zijn gefietst. De gehele geschiedenis van het nucleair complex komt voorbij. De start van de bouw net na de Tweede Wereldoorlog voor het Britse kernwapenprogramma, de Windscale-brand in 1957, de protesten en het proces van het afbreken van nucleair afval.

Alle informatie laten we even bezinken wanneer we in het centrum genieten van een broccolisoep met sandwich. Dit doen we bij West House , een plek waar mensen met een leerachterstand een kans krijgen in de bediening. En voor ons, als klant, het een goede, lekkere en betaalbare bodem geeft voor de middag. Natuurlijk verlaten we de stad niet zonder een paar mooie nieuwe schoenen voor mijn vader (en nog in de sale ook 😉).

Whitehaven – Maryport

We klimmen Whitehaven uit, waardoor we weer prachtige vergezichten hebben. Het zonnetje brand in ons gezicht en het is flink zweten geblazen op deze warme (ruim 25 graden!) septemberdag. We fietsen door Workington, de plek waar we twee dagen geleden per toeval terecht kwamen. Net na het stadje ligt Siddick Ponds Nature Reserve, de plek waar soms unieke vogels neerstrijken. Wij zien echter alleen maar ganzen, zwanen en in de verte een aalscholver.

Na Workington fietsen we weer langs de zee naar onze volgende bestemming, tenminste als we niet tegen gehouden worden. We weten dat de Britten geen fietsers zijn, maar een fietspoortje waar je fiets niet door gaat vinden we wel heel onhandig. Na twee keer zo’n obstakel te hebben overwonnen kunnen we naar de eindbestemming van vandaag: Maryport.

Senhouse Roman Museum

Hier mogen we nog één keer klimmen, want de fietsroute ligt dan wel vlak langs de zee, maar het Senhouse Roman Museum is heuvelop. Dit zorgt ervoor dat we weer een prachtig uitzicht hebben, zo zien we o.a. Schotland door de nevel over zee. Ook in het museum is het de moeite waard. Het is ons eerste Romeins museum op de route en heeft een indrukwekkende collectie met altaren gericht aan Jupiter. Deze (en andere attributen) zijn opgegraven in het veld naast het museum, waar vroeger een Romeins fort heeft gestaan. De contouren hiervan kun je nog zien wanneer je in de uitkijktoren klimt die bij het museum staat. Het is geen groot museum, maar de collectie is interessant en het is een mooie eerste kennismaking met het Romeinse leven waar we deze week ons verder in verdiepen.

Wanneer het museum sluit is het voor ons tijd om naar onze accommodatie te gaan. We verblijven in Maryport House, een appartement. Wanneer het weer een beetje druilerig wordt verkiezen wij de supermarkt (waar we toch al heen moeten voor het ontbijt) boven het zoeken naar een restaurant. Het wordt een cottage pie uit de oven.

Maryport – Carlisle

Vandaag staat de langste fietsdag van de vakantie op het programma. We bezoeken echter geen musea op de vlakke route, dus de minimaal 85 kilometer moeten geen enkel probleem zijn. Via de haven rijden we van Maryport weer richting Hadrian’s Cycleway. We volgen de prachtige kustlijn, missen Milefortlet 21, en gaan bij Salta landinwaarts.

Wanneer even later de bordjes voor verwarring zorgen en ik iets op mijn telefoon wil opzoeken, zie ik dat we niet meer op de GPX-route zitten die ik had opgeslagen. Wat doen we? We besluiten terug te fietsen langs de kust en de opgeslagen route te volgen. Hier staan helemaal geen bordjes dus we rijden op Google Maps. Dit was dus niet de goede keuze, al is dit stuk ook erg mooi. We rijden over boerenlandweggetjes en moeten af en toe wachten zodat de tractors er voorbij kunnen. Dat is waarschijnlijk de reden geweest dat de route is verlegd. Bij Beckfoot komen we weer op de gewone route (waar we in eerste instantie al bijna waren).

Silloth

In het volgende kustplaatsje Silloth is het tijd voor een rustmomentje. We zien een gezellige tearoom en parkeren onze fietsen. Hier nemen we een scone en natuurlijk een thee. Het is een gezellig stadje, maar we hebben nog heel wat kilometers voor de boeg en fietsen na het rustmoment door.

De route brengt ons nu een stuk landinwaarts, om de rivieren die hier de Solway Firth instromen te ontlopen. Het is een mooie route en zo komen we bij Holme Cultram abbey.

Holme Cultram Abbey

De abdij is in 1150 gesticht door de cisterciënzer monniken van Melrose Abbey uit de Schotse Borders. In de 15e eeuw was de abdij veel groter dan nu, zelfs groter dan Carlisle Cathedral. Na de opheffing van de kloosters in de 16e eeuw ging het land over naar de Kroon. Een gedeelte van de abdij wordt daarna nog gebruikt als parochiekerk, terwijl de rest van de abdij in verval raakt. In de eeuwen erop worden er nog verschillende restauraties aan de kerk gedaan. In 2006 steken lokale jongeren de kerk echter in brand, waardoor het gehele dak en een groot gedeelte van het meubilair in vlammen op gaat. Inmiddels heeft de kerk weer een dak, maar zijn de authentieke banken zijn vervangen voor losse stoelen. In de kerk is een kleine tentoonstelling over zijn geschiedenis.

Als we verder fietsen en na zo’n 20 minuten de pub Joiners Arms Newton Arlosh tegen komen vinden we wel dat we een drankje hebben verdiend. Het is immers warm en dorstig weer. Ondanks dat onze lunch slechts een scone was, hebben we geen trek in een stevige publunch en gaan we na een drankje weer door.

Solway Coast AONB

We rijden verder door Solway Coast AONB, waar de kust tussen Silloth en Beaumont (vlak voor Carlisle) bij hoort. De Solway Firth is een zee-inham tussen Schotland en Engeland, die deze regio zijn unieke natuur geeft. Het trekt een verscheidenheid aan vogels (vooral in het vogeltrekseizoen) en is prachtig om doorheen te fietsen. We genieten dan ook van de vergezichten op Schotland, op het water en van de vogels. Zo vliegt een havik net weg als wij voorbij fietsen. Wanneer ik mijn camera pak is hij al ver weg, maar de herinnering blijft.  

Bowness-on-Solway

Een bekende stop in Solway Coast AONB is Bowness-on-Solway, voor vele het begin van Hadrian’s Wall. Hier begint namelijk Hadrian’s Wall Path, de wandelroute langs de Romeinse muur. Voor ons een reden om weer een stop te maken, een drankje te pakken, omringd te worden door kippen en het bijbehorende informatiecentrum te bezoeken. Ook hier blijkt een fort te hebben gestaan, waar helaas niets meer van over is.

Old Harbour Wall, Port of Carlisle

Iets verder zien we nog wat resten in zee staan, deze zijn echter een stuk recenter dan de Muur van Hadrianus waar we langs fietsen. In 1823 is er vanaf hier een kanaal gegraven om het met Carlisle te verbinden voor de snel groeiende industrie van de stad. Toen kreeg het gebied de naam Port Carlisle, ondanks dat de stad nog iets verder ligt. In 1847 besloot men echter dat er een treinverbinding moest komen, en zo opende deze in 1854. Deze maakte de haven overbodig, die toen is teruggegeven aan de natuur. Er is slechts nog een klein stukje van te zien: Old Harbour Wall, Port of Carlisle.

Wanneer we verder rijden worden we vergezeld door koeien en schapen. Ze kunnen hier over de weg lopen, maar kiezen het veilige (en lekkerdere) gras aan de zijkant. Dit soort stukken geven de fietsroute langs Hadrian’s Wall wat extra’s.

St. Michael’s Church

Ondanks dat ook de wandelroute langs de muur hier is begonnen zien we er nog weinig van. We komen wel langs een ander belangrijk historisch punt: Burgh by Sands. De kerk in dit dorpje, St Michael’s Church, is wel van stenen van de Romeinse muur gebouwd, maar dat is niet de reden dat het in de geschiedenisboeken terecht is gekomen. De kerk staat vlak bij de grens met Schotland en is daarom versterkt. Het is ook de plek waar Koning Edward I opgebaard lag nadat hij in de moerassen bij Burgh stierf. De kerk is hierna nog wel verbouwd, maar de fundering is nog dezelfde.

King Edward I monument

Op de plek waar de koning stierf in 1307 is in 1685 nog een monument opgericht. Hadrian’s Cycleway loopt hier niet langs, maar er is een extra loop gemaakt om deze toch te bezichtigen. We pakken deze route en belanden zo op de plek waar Edward I wilde gaan strijden tegen de Schotten, maar aan dysenterie stierf. Het monument staat nog wel een stukje van de route af, en we besluiten de wandeling niet te maken (gelukkig komt een drone een stuk sneller dichtbij). We moeten immers weer verder richting Carlisle, nog zo’n 15 km, en het is al kwart voor zes.

Wanneer we Carlisle binnen rijden worden we verwelkomd met een heerlijke koekjesgeur (alsof we nog niet genoeg honger hadden!). We rijden langs de McVitie’s fabriek die hier voor veel werkgelegenheid zorgt. Jammie! Door de stad maken we een mooie route langs het kasteel, door het park en langs de rivier Eden. We zijn blij wanneer we bij het hotel (Premier Inn) aankomen. Uiteindelijk hebben we 100 km gefietst en is het 19 uur. Met als lunch alleen een scone en een koekje tussendoor is het wel tijd om te eten. Gelukkig is er bij het hotel een gezellig restaurant waar de biefstuk en de appeltaart na zeer goed smaken.

Carlisle

Na een nachtje slapen hebben we weer energie genoeg om de stad te verkennen. Hiervoor moeten we alleen wel nog een half uurtje ‘terug’ lopen.

Carlisle Castle

We lopen als eerste naar het kasteel, ondanks dat we weten dat het dicht is. ’s Middags is er namelijk een festival, daarom hopen we het nu nog rustig van buiten te kunnen bekijken. De deuren staan echter open en we zien mensen naar binnen lopen. Wij lopen dus ook die kant op. Er staat een vriendelijke man van English Heritage die ons vertelt dat het kasteel niet te bezoeken is, maar we mogen wel even om het hoekje kijken.

Wanneer we dat doen krijgen we toch een uitgebreide uitleg over wat we zien en de boeiende geschiedenis van Carlisle Castle . ‘Het meest belegerde kasteel van Engeland’ is gebouwd door William II in 1092, met later muren ‘tot waar de citadel nu nog is’. Een geschiedenis met daarin Robert de Bruce, Mary, Queen of Scots en Henry VIII. Ik hoor genoeg redenen om nog eens terug te willen, en dat op het moment dat ik al in het kasteel sta. Maar ik wil Carlisle Castle zeker nog eens verder verkennen dan alleen het binnenplein.

Tullie House Museum & Art Gallery

Tegenover het kasteel ligt het Tullie House , een zeer uitgebreid museum, met vooral veel andere spullen dan ‘art’. De tijdelijke tentoonstellingsruimte wordt op dit moment verbouwd, dus beginnen we in de kelder van het enorme gebouw. Hier is, in samenwerking met het British Museum, de tentoonstelling The Roman Frontier. Want het kasteel was hier niet het eerste verdedigingswerk, op deze locatie stond vroeger al een Romeins Fort. In deze tentoonstelling zien we duidelijke video’s met tijdlijnen en kaarten. De Romeinse geschiedenis in Brittannia wordt uiteengezet en verhelderd. Naast een hoop Romeinse opgravingen laat het ook frontlijnen uit een recentere geschiedenis zien op de muur. Het is een prachtige tentoonstelling waar we bijna een uur zoet zijn voordat we naar boven gaan. Hier is een uitkijkpunt waar je het kasteel kan bezichtigen, maar ook ziet waar het oude fort ooit heeft gestaan.  

De ruimte binnen is op deze verdieping groter dan de kelder en heeft vele kleine tentoonstellingen. Vikingen, de Jacobiten, The Border Reivers, de gehele geschiedenis komt voorbij. Zeer interessant. Ook voor bezoekers die minder met historie hebben is er genoeg te zien; Opgezette dieren in de Wildlife Gallery, oude kostuums en het oude Tullie House met een kunstcollectie. Het museum begon in dit Jacobijns herenhuis in 1893, maar wist zich later uit te breiden naar zijn huidige grootte.

We lunchen op het terras in de tuin van het museum, wat grenst aan het café binnen.

Carlisle Cathedral

Na het kasteel en het Tullie museum is het tijd voor de andere grote bezienswaardigheid van deze stad… McVitie’s, oh nee, het is Carlisle Cathedral . In het centrum van de stad staat namelijk een prachtige kathedraal die gratis te bezoeken is. Het is dan wel een van de kleinste kathedralen van Engeland, er is genoeg te zien in dit gebouw wat zijn oorsprong kent in 1122 als deel van een Augustijner priorij. De kloosters werden vernietigd onder het regime van Henry VIII en ook de kathedraal had later zwaar te verduren. Zo is tijdens de Engelse Burgeroorlog een deel van het schip gesloopt door het Schotse Presbyteriaanse leger om het te gebruiken om Carlisle Castle te versterken. Tussen 1853 en 1870 restaureerde de Britse architect Edwan Christian de kathedraal.

Hierdoor kunnen we nu genieten van het prachtige sterrenplafond. Op ieder paneel, op één na, staan zestien sterren. Wij hebben de uitzondering echter niet ontdekt… De middeleeuwse paneelschilderingen zijn ook nog aanwezig, wat erg uniek is.

St Cuthbert’s Church

Vanuit de kathedraal lopen we over de oude stadsmuren naar een andere kerk, St Cuthbert’s Church. Oliver Cromwell sloot in 1644 de kathedraal, waardoor dit de enige kerk was in Carlisle. Het huidige gebouw is de vierde kerk op deze plek en is in de 18e eeuw gebouwd. Er is nog een oud raam uit de 14e eeuw. Het smalle kerkhof is de laatste rustplaats voor een aantal van de Jacobieten die in 1745 zijn geëxecuteerd. Wij hebben gekeken of we deze konden vinden, maar zonder resultaat.

Marktplein

We lopen door naar het marktplein, wat een aantal historische gebouwen heeft. De Guildhall uit 1405 is een prachtig vakwerkhuis met een versiering van mannen in middeleeuwse klederdracht.

Schuin voor het gildehuis staat het voormalige stadshuis. Een statig gebouw met nog een Victoriaanse brievenbus voor de deur. Aan de andere kant staat een Edwardiaans koetshuis, The Crown and Mitre, waar The Beatles ooit nog te gast waren.

Op het plein staat een kruis, wat in de Romeinse tijd al de plek van het Forum was. Het is ook de plek waar Bonnie Prince Charlie zichzelf uitriep tot koning van Engeland en Schotland. Voor het verblijf van Charles Edward Stuart is ook een gedenkteken aangebracht in het huidige M&S gebouw. Aan de andere kant van het gebouw zien we ook een gedenkteken voor Duke of Cumberland, zijn vijand, die hier niet veel later zijn verblijf had. Het laat de lastige positie van deze stad zien.

Citadel

De citadelgebouwen die we net ten zuiden van de markt zien stammen uit 1812 en 1822. Maar ze staan op de plek waar Henry VIII al in 1541 verdedigingsbouwwerken liet zetten. De gebouwen moesten stevig genoeg zijn voor kanonschoten, en zelf ook kanonnen op het dak dragen. Alles om Carlisle, wat strategisch goed ligt, te verdedigen.

Bitts Park & The Chinese Gardens

Na een theepauze lopen we weer terug naar het kasteel. Hierachter ligt namelijk, aan de oevers van de Eden, Bitts Park. Een prachtig aangelegd park waar vroeger moeras was. Dit is zo’n 200 jaar geleden verdwenen na de aanleg van waterkeringen, al kan de stad nog steeds wel eens onder lopen.

Als we de Eden oversteken komen we in het natuurlijkere Rickerby Park, maar wel met de aangelegde Chinese tuin. Deze is in de jaren ’30 aangelegd door werklozen in Italiaanse stijl (logisch toch?).

Na deze wandeling hebben we geen zin om terug te lopen naar de stad en besluiten we om ook deze avond bij het hotel te eten. We hebben namelijk alle energie nodig voor de volgende dag. De proeverij van pie’s stelt gelukkig niet teleur.  

Carlisle – Haltwhistle

We staan vroeg op, want we hoeven dan niet veel kilometers op deze dag (47 km), we hebben wel een druk programma. En na dagen mooi weer is er voor vandaag onweer voorspelt in de namiddag, dus we hopen op tijd bij het hotel te zijn.

We springen dus vroeg op de fiets en gaan weer richting de route NCN 72. In Carlisle fietsen we nog langs de koeien en een monument voor de gevallenen in de Eerste Wereldoorlog. Stad en platteland gaan hier vaak goed hand-in-hand.

We zien tijdens de eerste kilometers al de North Pennines rechts van ons opdoemen. Deze bergketen is erg mooi, maar dat we er een staartje van meepakken op de fietstocht is wat minder 😉.

Brampton

De Fietsroute langs Handrian’s Wall brengt ons ook door schattige stadjes, waarvan Brampton er zeker één is. Vooral het achthoekige Moot Hall op het marktplein valt op. Het huidige gebouw is in 1817 gebouwd voor de graaf van Carlisle, maar een Moot Hall is al sinds minstens 1648 een kenmerk van de Market Place. Toen gebruikte Oliver Cromwell het nog om gevangenen te huisvesten.

Lanercost Priory

We stoppen niet voor lang, want binnen no time zullen we bij onze eerste echte stop van vandaag zijn: Lanercost Priory . Deze priorij is rond 1166 gesticht door Robert de Vaux namens Henry II. Er woonde een groep Augustijner kanunniken uit Norfolk tot het einde van de kloosters in 1536. Het gebouw kwam toen in de handen van Thomas Dacre, van het nabijgelegen Naworth Castle. Hij maakte er privéwoningen (nu Dacre Hall) van. De rest van het gebouw raakte in verval tot rond 1740 werd besloten om het schip te restaureren en het als parochiekerk te gebruiken.

De ruïnes zijn nu van English Heritage en te bezoeken. Het blijft toch altijd zonde om te bedenken dat deze kloosters zijn vernietigd omdat Henry VIII zijn zin niet kreeg. Er is veel geschiedenis verloren mee gegaan (en nieuwe gecreëerd). We lopen door de oude kloostergangen. In de muren van de gebouwen hier zijn nog oude stenen uit de Muur van Hadrianus gebruikt. Zo worden oude bouwwerken toch steeds weer opnieuw gebruikt.

We nemen ook nog een snel kijkje in de kerk. Er begint bijna een dienst, dus lang kunnen we niet binnen kijken. De overige tijd steken we dan ook maar in een drankje op het terras in de zon. Want van de naderende buien is op dit moment nog weinig te merken.

Langs Hadrian’s Wall fietsen

Ondanks dat we al enkele dagen ‘Hadrian’s Wall fietsen’, hebben we nog niets van de echte muur gezien. Enkele kilometers voorbij Lanercost Priory is het dan echter zo ver. We stoppen eerst om van het uitzicht te genieten, want dat is hier prachtig. Om enkele meters verder weer te stoppen; daar is dan eindelijk de muur! Het eerste stuk is Banks East in Cumbria. Dit is de best bewaarde uitkijktoren in de westelijke sector van Hadrian’s Wall, waar de muur oorspronkelijk van turf was gemaakt.

Er waren ooit twee van dergelijke torens op elke Romeinse mijl langs de Muur van Hadrianus, elk bemand door een paar soldaten die over de grens waakten. Deze toren is tot laat in de 4e eeuw gebruikt, maar inmiddels al goed vervallen. We lopen langs het bijna 2000 jaar oude bouwwerk, genieten van het uitzicht en gaan goede volle moed verder. Want dit is de reden dat we Hadrian’s Wall fietsen: de vergezichten en historie.

Op deze weg zien we meer stukken van de muur, de wandelroute Hadrian’s Wall Path loopt er dan ook gelijk naast.

Birdoswald Roman Fort

Het duurt dan ook niet lang voordat we bij Birdoswald Roman Fort zijn. Inmiddels heeft de blauwe lucht zich ingewisseld voor een wolkenpartij, en volgens de weersites kan het niet heel lang meer duren voordat de eerste regen valt. We gaan bij het museum dus eerst het buiten gedeelte bekijken.

Op deze plek staan de ruïnes van een Romeins fort, een toren en mijlkasteel, en dat met in de omgeving het langste stuk van de muur zelf. In 122 begon het hier met een wal van turf, met een uitkijktoren. Het fort kwam hier echter in 125-38. In de 3e en 4e eeuw verdedigden hier zo’n duizend soldaten rond het Romeinse rijk. Binnen de fortmuren wordt in de 16e eeuw een typisch grensbastelhuis gebouwd, ter verdediging tegen overvallen door ‘reivers’. In de 17e eeuw komt op dezelfde plek een nieuw huis, wat er nu nog staat.

De Romeinse overblijfselen zijn niet heel hoog, maar de uitleg duidelijk en er zit een klein binnen museum bij. Na ons bezoek aan het museum pakken we een lunch in het café van English Heritage. Hier trekken we ook onze regenkleding aan, want het is al begonnen met druppelen.

Regen

Het is bijna 8 kilometer naar het volgende museum, normaal binnen een half uur te fietsen, maar de laatste kilometers behoren tot één van de zwaarste klims in deze route. Het druppelen wordt in deze tijd ook nog eens echt regen. Gelukkig zijn we goed ingepakt. En genieten we zelfs in de regen van de mooie omgeving. Meer dan een snelle foto van de Thirlwall Castle ruïne met mijn telefoon zit er alleen niet in. In de klim na Greenhead wint de berg het toch van mij, en loop ik het laatste stukje bergopwaarts. Mijn vader heeft, dankzij de elektrische fiets, nergens last van en wacht boven op me. De afslag naar Roman Army Museum is gelukkig weer vlak en zo fiets ik de laatste meters weer richting deze stop.

Roman Army Museum

Blij zijn we te horen dat dit museum helemaal binnen is. We trekken onze regenkleding uit en mogen dat in een kantoortje leggen. Zo kunnen we droog genieten van dit uitgebreide museum over het Romeinse leger. We hebben en nemen de tijd, in de hoop dat de regen overwaait.

Hier leren we meer over de structuur van het Romeinse leger, en waarom iemand in die tijd soldaat zou wil worden. Via een tijdlijn van de Romeinse leiders in Britannia gaan we naar een indrukwekkende 3D-film. In 20 minuten lopen we mee met soldaat Aquila, die vanuit het zuiden van Europa naar het koude Britannia is gekomen. Het leven van 2000 jaar geleden is opeens dichtbij.

Naast de video en informatie liggen er ook nog een hoop opgravingen, die het verhaal van de soldaten versterken. Het museum geeft zo een goed beeld over het leven van de soldaten in die tijd. Een echte aanrader voor iedereen die de route langs de muur volgt dus.

Walltown Crags

Nadat we nog even verder zijn opgewarmd in het café van het museum gaan we hoopvol naar buiten. Het druppelt nog wat, maar lijkt mee te vallen. We hadden een alternatieve route gezien die ons langs de muur zou brengen (want de fietsroute dwaalt hier weer af). Omdat we ons hotel in Haltwhistle hebben, zou deze echter een uur om zijn. Met nog meer buien die naderen geen goede keuze, vooral niet omdat het over onverharde wegen gaat.

We besluiten echter nog wel een stukje deze alternatieve route te volgen, naar Walltown Crags. Onderweg begint het al harder te regenen. En als we onze fietsen parkeren om tussen de schapen omhoog te lopen wordt deze keuze me ook niet heel erg in dank afgenomen. Eenmaal boven verdwijnt de spijt echter meteen; wat een uitzicht! Zelfs met regen is het hier prachtig. Ik pak mijn camera (en doekje) en hoop dat er een paar foto’s zonder druppels tussen zitten.

Haltwhistle

Na dit kleine uitstapje is het tijd om op te gaan drogen in ons hotel (Manor House Hotel) in Haltwhistle. Daar aangekomen blijken we niet de enige fietsers te zijn die dit als accommodatie hebben geboekt, en blij zijn dat ze naar binnen kunnen. We parkeren onze fietsen in een open schuur, alle spullen dus mee zodat ze niet nat regenen. Gelukkig is in het hotel ook een restaurant en kunnen we na een warme douche droog aanschuiven voor een heerlijke lams Sunday Roast. Als het een beetje op droogt buiten lopen we nog even door het dorpje, waar het al donker is. Ondanks de regen die we hebben gehad zijn we dankbaar dat de hevige onweersbuien aan ons voorbij zijn getrokken.

Haltwhistle – Corbridge

Ook vandaag hebben we weer maar 47 kilometer weg te trappen, maar ook drie musea te bezoeken. We vertrekken vroeg, met het idee dat we nog een stuk langs de muur en naar Sycamore Gap Tree kunnen gaan lopen. Eenmaal onderweg moeten we flink wat klimmen. Als we op het punt staan waar we naar de muur kunnen om een wandeling te gaan maken, komen de donkere wolken toch wel erg dichtbij. We verkiezen toch maar het museum. De wandeling blijft op mijn wensenlijstje staan voor een andere vakantie (wat we toen nog niet konden weten is dat de boom een paar weken later door vandalisme geveld wordt).

Vindolanda

Gelukkig is er bij het Vindolanda museum ook een binnen museum, wat we als eerste bezoeken. Het museum ligt in een dal, en als we er naar toe lopen begint het te druppelen, een goede keuze dus. Dit museum is een samenwerking met het Roman Army Museum wat we gisteren bezocht hebben. Waar dat vooral informatief is over het leger, laat dit museum het opgegraven fort en dorp zien en alle vondsten die er gevonden zijn. De archeologische vindplaats is groot, en de tentoongestelde voorwerpen in grote getalen. Het is dan ook de grootste vindplaats van Engeland, ook door de ideale omstandigheden waardoor zelfs hout bewaard is gebleven.

Museum

In het museum zien we schoenen (vele!), gespen, zadelleer, sleutels, munten, potten en sieraden. Maar de meest unieke voorwerpen zijn toch wel de ‘brieven’ van de soldaten die ze naar huis schreven. Door deze fragmenten zijn archeologen veel te weten gekomen over deze locatie, en het Romeinse rijk in het algemeen. Erg uniek dus! Ook in dit museum zien we weer een aantal penissen, wat in de Romeinse tijd blijkbaar een teken was van wedergeboorte en vruchtbaarheid. Het werd toentertijd als sieraad gedragen of op gebouwen en monumenten getekend, en dan niet uit vandalisme.

Het museum krijgt nog regelmatig nieuwe aanwas van de archeologen en vrijwilligers die buiten nog steeds bezig zijn. Naar verwachting zijn ze nog wel zo’n 200 jaar bezig met het afstruinen van de locatie. Iets wat ik dus niet meer meemaak.  

Archeologische vindplaats

Het is inmiddels weer droog buiten, tijd om het daar te verkennen. We lopen door het oude fort, waar de soldatenbarakken hebben gestaan en het hoofdkwartier. Buiten het fort was een dorp, met huisjes voor families en een badhuis. Dit was aan de rand van het dorp gebouwd zodat de stank weg zou waaien. Die Romeinen dachten overal al goed bij na! Op verschillende plekken staan pilaren met audio-uitleg, ook in het Nederlands.

Naast de opgravingen staan er ook een houten en stenen uitkijktoren. Dit geeft ons een goed idee hoe deze eruit hebben gezien in 122. We zijn blij dat we het stuk langs de muur niet meer hebben gelopen, we vermaken ons namelijk zo’n drie uur in dit museum.

Hadrian’s Wall fietsen naar de top

Na Vindolanda fietsen we even heel snel door het dal waar ook het binnenmuseum in ligt. Helaas is het hoogste punt niet ver meer, en moeten we dus weer stijl omhoog om daar te komen. Het is even heel pittig, en een stop om even op adem te komen is onvermijdelijk. Maar eenmaal op de top is het uitzicht weer prachtig. Na een fotostop gaan we door, maar stoppen snel weer.

Ik zie een aantal schapen over een weg lopen. Deze lopen hier gewoon vrij rond en als er één naar een nieuw veld gaat, volgt blijkbaar de rest. Het is een prachtig gezicht.

Chesters Roman Fort and Museum

Voor Chesters Roman Fort and Museum moeten we Hadrian’s Cycleway even verlaten. Het ligt namelijk net buiten de route. Het is een van de meest noordelijke buitenposten van het Romeinse Rijk. Voordat we deze goed gaan bekijken nemen we eerst een hapje en drankje bij de kleine tearoom van English Heritage.

Chesters is het best bewaarde cavaleriefort aan de Muur van Hadrianus. De onderkant van de poorten zijn nog goed zichtbaar en er zijn zelfs nog overblijfselen van een brug die er heeft gestaan (wel aan de overkant van de River North Tyne). Bij de rivier ligt ook een zeer goed bewaard Romeins badhuis, inclusief stoomkamers. Er staan nog hoge muren, en de werking is nog goed te zien.

Bij de opgravingen is ook een klein museumpje gevestigd met een ruime collectie aan molenstenen om graan te malen. Uniek vond ik het militaire diploma wat gevonden is in 1879. Hulpsoldaten werden blijkbaar burgers na 25 jaar dienst in het Romeinse leger.

Langs Hexham

Wanneer we weer naar de route fietsen beseffen we dat we vandaag toch al langer in de musea hebben doorgebracht dan eerst gedacht. Tijd om keuzes te maken. We fietsen immers nog langs Hexham waar een prachtige Abbey staat. Hiervoor moeten we echter nog het spoor en de Tyne oversteken, de rivier die vlak voor Hexham gevormd wordt door de River South Tyne en River North Tyne. Wanneer we voor de eerste keer deze gezamenlijke rivier oversteken hebben we de keuze gemaakt om door te fietsen. Hexham komt een volgende keer. Vandaag blijven we in het thema van onze fietsroute: de Romeinen.

Corbridge Roman Town

De volgende stop is dan weer een archeologische plek, deze keer geen fort maar het oude Romeinse Corbridge (Coria oftewel Corbridge Roman Town ). Dit dorp is prachtig gelegen aan de Tyne en heeft nu uitzicht op het huidige Corbridge. Als we er aankomen hebben we nog maar een uur. We besluiten dan ook eerst naar buiten te gaan, dat is immers het meest unieke aan deze English Heritage plek. De gratis audiotour slaan we over, dat zou te veel tijd kosten. In Coria lopen we over de oude Romeinse weg. Een gek idee dat hier 2000 jaar geleden ook mensen overheen liepen. Het dorp had twee hoofdstraten, waarvan één er richting het huidige York liep, de andere naar Carlisle. Er waren winkels, opslagruimtes en fonteinen voor drinkwater. In het dorp kwamen er later ook nog militaire complexen bij.

Als we buiten zijn uitgekeken gaan we binnen verder. Hier zien we de beroemde Corbridge Lion, vernoemd naar zijn vindplaats hier. De leeuw die zijn prooi (schaap of geit?) in zijn klauwen heeft stond ooit op de top van een mausoleum. Later is het gebruikt als fontein, en nu als indrukwekkend museumstuk.

Daarnaast zien we voor het eerst metalen 12-zijdige bolletjes (dodecahedra). Maar wat het precies is en waar het voor is gebruikt? Daar zijn zelfs de geleerden nog niet over uit. Met deze vraag in het achterhoofd verlaten we het museum en gaan naar het ‘moderne’ Corbridge.

The Angel of Corbridge

We zijn al naar een tiental minuten in een schattig stadje, en we hebben het geluk hier ook te mogen slapen. Het hotel The Angel of Corbridge ligt aan de route in het centrum van de plaats. We checken in, zetten onze fietsen veilig binnen en drinken een kopje thee op de kamer. De dag was weer mooi en we hebben het droog gehouden. We eten in het hotel, waar ik geniet van een heerlijke fish & chips.

Na het eten willen we het stadje nog verder ontdekken, helaas gaat dat toch in de miezerregen waardoor het een kort rondje wordt.

Corbridge – South Shields

Voor de laatste dag dat we Hadrian’s Wall fietsen hebben ze droog weer voorspeld. We hebben slechts 2 musea en 50 km op de planning over een vlakke route. We doen het dus rustig aan en ik loop in de ochtend toch nog een rondje door het prachtige Corbridge. Hier zie ik oude openbare bakovens, het marktkruis en de brug over de Tyne uit 1647.

Prudhoe Castle

We beginnen onze fietsroute eerst bergop, maar dit is eigenlijk de laatste heuvel op de route. Hierna volgen we immers de Tyne. En water gaat lastig een heuvel op 😉.  We rijden dan ook lekker door wanneer we voor het eerst de rivier oversteken. Aan onze rechterhand zien we Prudhoe Castle boven de bomen uitsteken. Deze is vandaag helaas dicht, maar het scheelt wel een flinke klim (wat de pijn van het niet kunnen bezoeken dan weer verzacht).

Wylam Railway Bridge

De volgende oversteek is over de oude treinbrug Wylam. Dit is nog duidelijk te zien aan de railslijnen op de brug. Hij is in 1876 geopend voor de Scotswood, Newburn and Wylam Railway, tegenwoordig gaan er alleen nog maar wandelaars en fietsers overheen.

Toeval of niet, nog geen twee kilometer verder ligt het geboortehuis van George Stephenson. Het huis oogt mooi en groot. Ten tijde van George’s geboorte in 1781 was het huis echter verdeeld in vier huurhuizen. Hij bedacht de Rocket, een locomotief die een belangrijk stuk geschiedenis in de treinwereld heeft geschreven. Hoewel Rocket niet de eerste stoomlocomotief was, was het namelijk wel de eerste die verschillende innovaties samenbracht en zodoende de meest geavanceerde locomotief van zijn tijd. De Rocket is tegenwoordig nog te zien in het Locomotion Museum in Shildon.

Oeps…

We volgen de Tyne naar het voor ons al bekende Newcastle upon Tyne. Op één punt zie ik nog net een bordje in mijn ooghoek, en verlaten we het fietspad over een voormalige treinroute. We rijden over een industrieterrein en krijgen een grote uitdaging voor ons. De weg voor ons is namelijk helemaal ondergelopen. Blijkbaar gebeurt het vaker, er is namelijk een olifantenpadje ernaast ontstaan. Eenmaal aan de andere kant zien we dan ook een waarschuwingsbord voor overstromingen (goh, je meent het).

We hadden al beelden gezien dat deze regio het zwaar heeft moeten verduren in de afgelopen dagen met de regen. Gelukkig voor hen brengen we vandaag het droge weer met ons mee.

Wanneer we dichter bij Newcastle komen zien we een bordje naar links en komen we weer op een fietspad uit. Deze volgen we enkele minuten voordat ik het toch wel heel gek vind dat we zolang terug moeten fietsen. Ik check de route, en ja hoor, we fietsen echt terug. We hadden blijkbaar een zijtakje te pakken. We draaien om, om weer richting het oosten te fietsen.

De laatste kilometers Handrian’s Wall fietsen

Voordat we de stad binnen fietsen zien we Liosi’s Sicilian Cafe Bar, ideaal voor nog wat koolhydraten in deze laatste kilometers. We kiezen voor een pasta carbonara, die goed bevalt. Na deze lunch stappen we weer op de fiets en gaan we langs en onder de zeven bekende bruggen van Newcastle door.

Vanaf hier fietsen we een stuk die we de eerste dag andersom hebben gefietst, nu hebben we alleen een stop tussendoor.

Segedunum Roman Fort

We gaan eerst kijken bij het Romeinse bad wat rechts van het fietspad ligt. Hier is niet veel van over dus we fietsen snel door en gaan dan linksaf naar Segedunum Roman Fort . Eenmaal daar aangekomen blijkt echter dat het water grote schade heeft aangericht, en het museum druk bezig is met herstellen en daarom dicht is. Gelukkig kunnen we het buiten gedeelte van achter het hek toch bekijken. Weer iets wat gewoon op ons wensenlijstje blijft staan.

Het pondje over de Tyne

We rijden voorbij de haven waar de DFDS ligt, deze keer gaan we voor een kleinere boot. De drie uur dienst halen we toch niet meer en we fietsen dus op ons gemak. We komen één over drie aan….hadden we toch maar iets harder gefietst. We fietsen iets verder door in de hoop op wat te drinken, helaas is wat we passeren gesloten, dus keren we weer om en wachten op de veerdienst.

De boot hebben we al eens gezien vanuit zijn grote broer vanuit Nederland. Extra leuk om hem nu dan eens zelf te pakken. Hij brengt ons iets terug landinwaarts aan de andere kant van de Tyne. Hier fietsen we weer richting zee, richting het eindpunt van Hadrian’s Cycleway.

Castra Arbeia

De laatste meters moeten we nog even heuvelop, maar daar is het dan: Castra Arbeia . De (ruim!) 280 kilometer van Hadrian’s Cycleway zitten erop. Mijn wensenlijstje is weer wat korter, mijn mooie herinneringen aangevuld. Tevreden zetten we onze fietsen op het terrein van het gratis museum.

We gaan eerst naar binnen en zijn blij om te zien dat ze wat te drinken hebben, want dorst hebben we inmiddels wel weer. Binnen zijn wat opgravingen te zien, maar deze hebben we al veel gezien de afgelopen dagen. Dit museum is uniek doordat het naast de ruïnes van het Romeinse fort ook een paar gebouwen heeft opgebouwd als replica. Het geeft alle musea die we in de afgelopen dagen hebben bezocht, nog meer betekenis. We zien hoe de officieren hebben geleefd, en de soldaten. Er was duidelijk verschil tussen de twee.

Er is ook een replica van een poortgebouw, waarin nog een stuk museum is gevestigd. Hier zien we dat naast dit grote fort, een klein rond boerderijtje stond. Die Britse bewoner kreeg dus opeens een hoop Italiaanse (en andere vastelanders) als buur. Naast deze info heb je vanuit de bovenste verdieping ook nog eens een prachtig uitzicht over de rest van het museum.

Einde fietsroute langs Hadrian’s Wall

Net voordat het museum sluit gaan we weer naar buiten. Onze fietsreis langs Hadrian’s Wall zit er op. We fietsen door naar ons hotel in South Shields, wat al op de route ligt naar Durham. Want dit avontuur is dan ten einde, de vakantie nog niet. Hier lees je later meer over.

Wil je meer weten over de praktische informatie? Lees het artikel Fietsroute Hadrian’s Cycleway: Fiets 280 km over de NCN72.
Wil je liever lopen? Dan hebben we Hadrian’s Wall Path: wandelen langs de muur van Hadrianus

Video Hadrian’s Cycleway

Onze ervaringen in een video:

2023 | Janie


Geschreven door:


Eén reactie op “Blog: Langs Hadrian’s Wall fietsen, Noord-Engeland”

  1. De uitdrukking neem je regenkleding mee ken ik wel…haha. Met de auto verschillende rondreizen door Engeland-Schotland gemaakt en op een enkele dag regen heerlijk weer gehad.
    Genoten van je verslag…brengt weer herinneringen boven. Dus ook benieuwd naar je volgende verslag.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.